Er zijn van die boeken die in brede kring grote bekendheid genieten door een bepaald fragment. Don Quichotte is het boek van de ridder die tegen windmolens vecht. Dik Trom gaat over een jongen die achterstevoren op een ezel zit. En Bartje bidt niet voor ‘brune bonen’.
Kees de jongen is het boek over de zwembadpas. Als je het boek openslaat, kom je die zwembadpas al heel snel tegen. Aardig beschreven, maar het wat oubollige karakter vergrooot de kans dat het boek je al snel gaat tegenstaan. Theo Thijssen draaft behoorlijk door in nogal ongerijmde fantasieën in het hoofd van de hoofdpersoon Kees Bakels. Het meeslepende verhaal waar je op gehoopt had, blijft uit. De keren dat ik Kees de jongen in handen heb gehad, heb ik het al vrij snel weggelegd.
Deze week heb …